Onderzoek vriendschap, gemeenschap en pesten in de klas | Stop Pesten NU

Onderzoek vriendschap, gemeenschap en pesten in de klas

Dit wetenschappelijk artikel van Mattias Kloo onderzoekt de relatie tussen vriendschappen, de kwaliteit van vriendschappen, het gevoel van gemeenschap in de klas en pesten onder basisschoolleerlingen in Zweden. De studie analyseerde enquêtegegevens van 587 leerlingen uit 54 klassen om te bepalen hoe individuele en klassikale factoren samenhangen met ervaringen van pesterijen. De resultaten tonen aan dat minstens één vriend hebben en een sterk gemeenschapsgevoel in de klas beschermend werken tegen pesten. Verder bleek dat conflicten binnen vriendschappen het risico op pesten verhogen, terwijl behulpzame vriendschappen dit risico juist verlagen. De bevindingen benadrukken het belang van scholen bij het bevorderen van kwalitatieve vriendschappen en een positieve klassikale sfeer om pesten tegen te gaan.

Download het volledige onderzoek Individual and classroom-level associations of within classroom friendships, friendship quality and a sense of peer community on bullying victimization 2025

1. Welke rol spelen vriendschappen binnen de klas in relatie tot pesten?

Uit het onderzoek blijkt dat het hebben van minstens één vriend een beschermende factor is tegen pesten. Echter, het aantal vrienden boven één lijkt niet geassocieerd te zijn met een verdere afname van het risico op pesten. Sterker nog, sommige studies suggereren dat leerlingen met veel vrienden of een centrale positie in vriendschapsnetwerken zelfs een hoger risico op pesten kunnen lopen. De kwaliteit van vriendschappen is cruciaal; slechte vriendschappen kunnen het risico op pesten verhogen, terwijl vriendschappen van hoge kwaliteit, gekenmerkt door weinig conflicten en veel positieve aspecten zoals hulp en steun, juist bescherming bieden.

2. Hoe beïnvloedt de kwaliteit van vriendschappen het risico op pesten?

Een hoge kwaliteit van vriendschappen is negatief geassocieerd met pesten op zowel individueel als klassikaal niveau. Wanneer de vijf dimensies van vriendschapskwaliteit (gezelschap, conflict, hulp, veiligheid en nabijheid) afzonderlijk worden bekeken, blijkt dat vooral conflictueuze vriendschappen significant geassocieerd zijn met meer pesten (op beide niveaus van analyse), en hulpvaardige vriendschappen met minder pesten (alleen op individueel niveau). Dit benadrukt dat het niet alleen gaat om het hebben van vrienden, maar vooral om de aard van die vriendschappen.

3. Wat is het belang van een gevoel van gemeenschap in de klas bij het voorkomen van pesten?

Een sterk gevoel van gemeenschap onder leerlingen in de klas is negatief geassocieerd met pesten. In klassen waar leerlingen het gevoel hebben dat ze bij elkaar horen, elkaar steunen en samenwerken, komt minder pesten voor. Dit klassikale gevoel van saamhorigheid creëert een bredere sociale context die bescherming kan bieden tegen pestgedrag. Het onderzoek toont aan dat een positieve klassikale gemeenschap een aanzienlijk deel van de variatie in pesten op klassikaal niveau kan verklaren.

4. In hoeverre verschilt de invloed van individuele vriendschapskwaliteit van de gemiddelde vriendschapskwaliteit in de klas op pesten?

Zowel de individuele ervaring van vriendschapskwaliteit als de algemene vriendschapskwaliteit binnen een klas spelen een rol bij pesten. Leerlingen die zelf hogere kwaliteit van vriendschappen ervaren, lopen minder risico op pesten. Daarnaast blijkt dat in klassen waar de gemiddelde vriendschapskwaliteit hoger is, ook minder pesten voorkomt. Interessant is dat bij het analyseren van de dimensies van vriendschapskwaliteit, vooral conflicten binnen vriendschappen op klassikaal niveau significant geassocieerd waren met meer pesten, wat suggereert dat een algemeen conflictueuze sfeer in de klas, weerspiegeld in vriendschappen, een negatieve invloed heeft.

5. Welke specifieke aspecten van vriendschapskwaliteit zijn het meest relevant in relatie tot pesten?

Van de vijf onderzochte dimensies van vriendschapskwaliteit (gezelschap, conflict, hulp, veiligheid en nabijheid) bleken conflict en hulp de meest significante voorspellers van pesten te zijn. Meer conflicten in vriendschappen, zowel op individueel als klassikaal niveau, zijn geassocieerd met meer pesten. Een hogere mate van hulp binnen vriendschappen op individueel niveau is geassocieerd met minder pesten. De andere dimensies (gezelschap, veiligheid en nabijheid) lieten geen significante directe relatie met pesten zien in dit onderzoek.

6. In hoeverre speelt het aantal vrienden een rol bij de bescherming tegen pesten?

Het hebben van minstens één vriend is een significante beschermende factor tegen pesten. Leerlingen zonder vrienden binnen de klas lopen een verhoogd risico om gepest te worden. Echter, het aantal vrienden dat een leerling heeft boven dit ene, lijkt geen verdere bescherming te bieden tegen pesten en kan in sommige gevallen zelfs het risico verhogen, mogelijk door factoren zoals toegenomen sociale zichtbaarheid of rivaliteit binnen grotere vriendengroepen.

7. Zijn er verschillen in de bevindingen op individueel niveau versus klassikaal niveau?

Ja, er zijn enkele nuances. Op individueel niveau is zowel de eigen ervaren vriendschapskwaliteit als het hebben van minstens één vriend belangrijk ter bescherming tegen pesten. Op klassikaal niveau is vooral het gevoel van gemeenschap en de algemene mate van conflicten binnen vriendschappen significant geassocieerd met de prevalentie van pesten. De individuele ervaring van hulp binnen vriendschappen is beschermend, maar een algemeen gevoel van hulpvaardigheid onder vrienden in de klas werd in dit onderzoek niet significant geassocieerd met minder pesten op klassikaal niveau.

8. Wat zijn de praktische implicaties van dit onderzoek voor scholen en docenten in de aanpak van pesten?

De resultaten benadrukken het belang voor scholen om aandacht te besteden aan de sociale relaties van leerlingen en het creëren van een positieve klassikale gemeenschap. Docenten zouden zich bewust moeten zijn van leerlingen die geen vrienden hebben en hen helpen sociale contacten te leggen, bijvoorbeeld door groepsactiviteiten en samenwerkend leren te stimuleren. Daarnaast is het van belang om constructieve strategieën voor conflictoplossing aan te leren en een pro-sociaal en hulpvaardig klimaat in de klas te bevorderen. Scholen kunnen docenten ondersteunen door bijvoorbeeld programma's voor sociaal-emotioneel leren te implementeren. Het verminderen van conflicten tussen leerlingen, zowel individueel als in bredere zin in de klas, lijkt een belangrijke factor in het terugdringen van pesten.